1r:1
1Waarde Theo,
2Zooeven kom ik terug uit Utrecht
3van mijn bezoek bij Rappard & vind ik Uw brief
4gelukkig. Dank voor Uw schrijven zoowel als
5voor het ingeslotene. Ben blij ge wat
6geniet dezer dagen. le Paradou –
7zal echt geweest zijn.1 Ja ik zou er niets
8op tegen hebben zoo iets eens te probeeren.
9en gijlieden zoudt goede modellen
10zijn/ daar twijfel ik niet aan_
11Toch/ ik zie nog liever spitters
12en vind het buiten ’t Paradijs/ n_l.
13daar waar men meer denkt aan het
14strengere “ge zult uw brood eten in ’t zweet
15uws aanschijns”/2 mooier.
16Maar ik vind dat ’t een door
17oppositie met ’t ander juist mooier wordt_
18Ik zie uit uw brief gij U eenigzins
19ongerust maaktet over wat ik U schreef
20betreffende de vrouw3 – ’t heeft ook nu weer
21zich geredresseerd & zal er hoop ik een
22tijd komen dat alles nog veel beter
23gaat_– Als gij komt zal ik U beter
24kunnen zeggen dan dat ik ’t zou kunnen
25schrijven waar ik soms bezorgd over ben.
26Nog eens/ de grondige waarachtige genezing
27naar ziel zoowel als naar ligchaam van
28de vrouw van mij is een werk van jaren_  1v:2
29Ge hoeft er U dus niet
30direkt over ongerust te maken
31als was er iets buitengewoons/ als
32ik er U eens wat bezorgd over schrijf/
33het kan niet anders_ Maar
34vooral/ spreek er niet over tegen
35anderen. In ’t algemeen gaat het
36met haar zeer goed en vordert zij
37maar bij tijden heb ik wel zorg/ ondanks
38dat ik niets van wat mij wedervaart buitengewoon
39vind. Enfin we praten er nog wel
40eens over. Vooral/ denk geen
41kwaad van haar – er zijn weergaasch
42goede dingen in haar karakter die als
43’t wat meeloopt nog de zorg wel waard zijn.
44Nu/ over mijn bezoek bij Rappard – ’k ben
45erg blij er geweest te zijn. We zullen
46weerkeerig wel meer naar elkaar
47toe gaan nu. Een schij van hem/
48eene spinster/ & vooral de even groote
49schets er voor vond ik zeer serieus en
50waarachtig sympathiek.4
51Verder fusains – een van eene zaal in
52een blinden inrigting/5 een van een
53soort Smidse/ met importante
54figuren – heel best_6
55Een tweede schij voorstellende tegelschilders
56was in Amsterdam/ doch zag er de
57studies voor en schetsen.7
 1v:3
58Ook bevestigde zich mijn impressie
59omtrent zekere goede wijzigingen
60in zijn manier van denken_
61Ik heb wel hoop wij van jaar tot
62jaar meer vrienden worden zullen
63en meer & meer aan elkaar hebben
64bij ’t werk.
65Hij had eene kleine aquarel van een
66dorpskerkhof die ik uitmuntend vond van
67sentiment/ zeer oorspronkelijk_8
68Als gij kent den belgischen schilder
69Meunier – daar deden sommige
70dingen in zijn werk me aan denken.
71Nu/ wij hebben bij deze wederzijdsche
72bezoeken veel over nieuwe & verdere
73plannen gesproken.
74Ik denk er sterk over ook een paar
75groote fusains met figuren op touw
76te zetten.
77Maar Theo/ er zijn veel verschottena bij
78het werk en in veel opzigten kan
79ik me niet zoo makkelijk bewegen
80als ’k wel raadzaam zou achten.
81Het huishouden kost me natuurlijk ook wat/
82niet waar/ men heeft toch eten en kleeren
83noodig/ het atelier kost ook van huur_
84Maar enfin. ’t heeft me opgemonterd
85dat Rappard b.v. in verscheiden dingen
86die ik maakte pleizier had en juist
87nu ik zie hoe zijn eigen werk is ben ik
88er te meer blij om sommige dingen van
89mij hem sympathiek waren.
 1r:4
90Mijn angst is altijd niet genoeg te
91werken/ ik geloof dat ik het nog zoo
92veel mooier kan en daar jaag ik
93naar soms met een zekere woede_
94En ik zie ’t in Rappard op nieuw hoe men
95er wel bij vaart goed spul te gebruiken/ veel
96modellen te nemen &c.
97Het atelier van R. is heel goed en ziet er
98gezellig uit.9
99Ik zou wel willen dat gij mijn
100oude studies kondt meebrengen als gij kwaamt_
101’k Geloof gij uit alles bij elkaar eene andere
102keus zoudt kunnen doen en bij gelegenheid
103van Uw komst wou ik wij ’t geen gij
104misschien zoudt willen hebben uitzochten
105zòò dat het een soort geheel vormde_
106Ik weet zelf niet in hoever sommige studies
107genoeg af zijn om in de termen te vallen ergens
108anders dan op mijn atelier bewaard te worden_
109Enfin maar ik ben vol plannen
110terug gekomen van Rappard en vol
111hoop/ juist omdat ik bij hem reeds zie
112vruchten van de studies/ n.l. combinaties
113van verschillende figuren in meer importante
114composities. Dat heb ik ook nog te
115wachten_ Maar dat heeft zijn tijd noodig
116en intusschen moet men steeds nieuwe studies maken
117blijven naar ’t model. Er bezinken dan
118goede dingen uit. Het beste van onze heele
119'schikking is dat de studies bijeen blijven/ ’t zij
120bij U ’t zij bij mij – laat ons maar moed
121houden en doorsjouwen. Morgenochtend
122vroeg ga ik uit met v.d. Weele. adieu kerel/ nogmaals
123dank & ’t beste U toegewenscht. Zou Uw vrouw pleizier in teekeningen hebben?
124Ik zal wel eens iets voor haar vinden
125misschien.

126t. à t.
127Vincent.


119 bijeen < bij een
top