1r:1
Woensdag morgen

Waarde Theo,
Er is mij veel aan gelegen dat gij niet de gedachte krijgt als was ik in een onopgewekte of abnormale stemming. En daarom schreef ik U in mijn vorigen brief reeds over het werk en daar ik U nog een paar dingen te verzoeken heb die daarop betrekking hebben wacht ik niet lang met schrijven.
Tegen dat ge komt wou ik wel mijn best doen om U in aquarel een & ander, op verschillende manieren gedaan, te laten zien, dan kunnen we er eens over praten wat U het beste voorkomt.
Zoodat ik nu geregeld iederen dag daaraan werk & ook zal blijven doen tot ge komt.
Ik heb er nu 3 van Scheveningen1 – ook weer de U bekende Scharrendroogerij – even uitvoerig geteekend – alleen nu is er de kleur bij.2 Gij weet toch wel goed, Theo, dat het niet moeielijker is met kleuren te werken dan met zwart & wit – misschien integendeel, alleen voor zoo ver ik zien kan komt 3/4 neer op de oorspronkelijke schets en van de kwaliteit daarvan hangt bijna de heele aquarel af.
Het is niet voldoende een à peu près te geven en ’t was & is mij te doen om hooger opvoeren. In de zwart & witte scharrendroogerijen is dat geloof ik al te zien want gij kunt daar alles volgen & nagaan hoe de boel in elkaar zit en ziedaar, ik geloof dat het daarom komt dat ik nu veel vlotter werk met aquarel omdat ik zoo’n langen tijd juist op het meer corecte teekenen mijn best gedaan heb.
 1v:2
Tersteeg noemde mijn handelwijs iets van tijdverkwisten, ge zult spoedig zien dat ik veel tijd gewonnen heb.
Ik voel dat nu reeds en als ge komt zult ge ’t zelf zien.
Ik heb heden avond de winkels afgeloopen om het dikke Ingres – maar vruchteloos. dun is er wel – maar het dikke of dubbele nergens meer. Ik heb in der tijd van Stam alles genomen wat hij nog had & dat was heerlijk belegen. Tegen dat ge komt, och doe er Uw best nog eens voor. En kunt ge dat soms niet krijgen – vraag eens naar “papier de la forme”, dat is geelachtig getint – taai – en men kan er op wasschen. Is geloof ik ook veel goedkooper dan Harding of Whatman zoodat op den duur ’t veel uithaalt.a
Als ge komt weet ik een paar mooie weggetjes door de weilanden waar ’t zoo stil is en rustig dat gij er wel schik in hebben zult. Ik heb daar ontdekt oude & nieuwe arbeidershuisjes & andere woningen die wel karakteristiek zijn – met tuintjes aan den slootkant – erg gezellig, ik ga er morgen vroeg teekenen. Het is een weg door de weilanden van den Schenkweg naar de fabriek van Enthoven of ’t Zieke.3 Ik heb een dooden knotwilgenstam gezien daar – net een ding voor Barye b.v., hij hing over een waterplas met riet – heel alleen & melankoliek en zijn bast was om zoo te zeggen geschubd & bemost en met verschillende toonen gevlekt & gemarmerd – zoo iets als een slangenhuid, groenachtig, geelachtig, grootendeels dof zwart. Met witte afgeschilferde plekken en stompen takken. Ik ga hem morgen ochtend aanvallen.4  1v:3 ’k heb ook nog een bleekerij op Schevening gemaakt,5 op de plaats zelf in eens geheel gewasschen bijna zonder preparatie, op een heel grof stuk torchon. Hierbij een paar kleine schetsjes er van.
Tegen dat ge komt zal ik zien dat er een & ander bij elkaar is. Ik denk dat ge mogelijk in de Scharrendroogerij nu die met kleuren is wel schik zult hebben.
Weet het dus goed, kerel, ik ben weer geheel & al in mijn gewone doen, en weet dat ik geloof dat al de rest afhangt van het werk & de heele zaak direkt in verband daarmee beschouw. Het nieuwe atelier scheelt enorm met het vorige dat het prettiger werkt & vooral voor ’t poseeren is ’t veel beter wegens men grooter afstand nemen kan. Wat ik meer betaal aan huishuur, ik weet zeker dat ik ’t er dubbel en dwars zal uithalen.
Ik heb echter een verzoek aan U.– Ik zou mij zoo best kunnen begrijpen & ’t zoo natuurlijk vinden als ge in plaats van 1 Augustus te sturen zelf mij het geld gaaft bij Uw komst, b.v. 7 Augustus. Daar ik echter zoodra ik Uw laatsten brief ontving eenige inkoopen van papier & verf & penseelen heb gedaan & tegen 1 Augustus zeker nog een & ander zal noodig hebben, zoo wilde ik U vriendelijk verzoeken als ’t kan, ofschoon gij spoedig daarop komt, toch tegen 1 Augustus te zenden. want ik heb precies, precies uitgerekend & ben na de paar eerste dagen van Aug. zeker absoluut à sec. Ik hoop het U niet inconvenieert; meer is natuurlijk niet de bedoeling maar wel de tijd. n.l. zoo mogelijk 1 Aug. en anders toch in de allereerste dagen.
Van de Rijsw. weilanden heb ik ook nog een tweede, waar ’t zelfde geval door verandering van oogshoogte en oogpunt een heel ander aspect krijgt.6
Ge ziet ik ben druk in de landschappen verzeild, ’t is om reden Sien nog niet poseeren kan maar anders, ’t figuur moet hoofdzaak blijven.
 1r:4
Als gij komt dan zorg ik, ik zoolang ge in stad zijt digt bij honk blijf & gij weet waar ik zit & verder terwijl gij Uw zaken doet & visites maakt ga ik mijn gewonen gang. Ik kan U overal opzoeken waar ge me rendez vous geeft maar om verschillende redenen is het voor allebei beter ik b.v. niet met U naar de Plaats7 of bij Mauve of zoo ga, dunkt mij.– Ik ben ook zoo aan mijn werkpak gewend waar ik mee in ’t zand of ’t gras kan gaan zitten of leggenb al naar ’t te pas komt (want in de duinen of zoo gebruik ik haast nooit een stoel tenzij een oude vischmand) dat mijn costuum wel wat te Robinson Crusoeachtig8 is dan dat ik veel met U op en neer zou gaan.
Ik zeg dit vooruit opdat gij goed weten zoudt ik U niet geneeren zal maar overigens, ge begrijpt dat ik naar ieder halfuurtje dat ge missen kunt snak.9 Mij dunkt we zullen ook beter op ons gemak zijn als we maar heelemaal in ’t schilderen & teekenen verzeilen & ’t vooral daar over hebben. Tenzij andere zaken U niet verveelen of geneeren, is dat zoo niet, dan natuurlijk heb ik voor U geen enkel geheim & hebt ge in alles mijn volste vertrouwen.
Dan ben ik ook zeer verlangend om U de houtsneden10 te laten zien. Ik heb er weer een prachtige, een teekening van Fildes, “de ledige stoel van Dickens” uit de Graphic van 70.11 Ik heb 3 etsen van Meryon kunnen koopen voor f. 2 de drie maar ik heb ze laten loopen. Ze waren anders wel mooi – maar ik heb zoo weinig etsen & concentreer me meer op de houtsneden als ik nog eens iets neem. Maar wou ’t U eens zeggen – ’t is Blok12 die ze heeft en ik weet niet of alle Meryons zeldzaam zijn & handelswaarde hebben. Zij zijn uit een ouden jaargang l’Artiste.–13 Ik ben nog altijd vol van die boeken van Zola. Wat is dat geschilderd, die Halles.14
Het gaat me goed met de gezondheid, toch voel ik nog altijd een en ander & zal dat wel blijven doen, nog een geruimen tijd ten minste. Sien & ’t kind maken ’t ook goed, sterken aan en ik houd veel van hun. Ik moet het wiegje ook weer eens onder handen nemen (als ’t eens een regendag is & ’k niet naar buiten kan), geheel met aquarel. Maar anders, tegen dat ge komt wou ik U laten kijken – landschap aquarel – figuur aquarel hoop ik tegen den winter dus als ik een jaar hier geweest ben; ik zal nog meer naakt moeten teekenen eerst en nog heel wat zwart & wit ook dunkt mij. Dat alles bespreken we nog wel & dat Uw bezoek veel zal bijdragen om de dingen in orde te houden & het werk te doen vlotten, dat houd ik voor zeker. à dieu, met een handdruk.

t. à t.
Vincent

 2r:5 [sketch A][sketch B]
 2v:6
Met stilletjes door te gaan met mijn werk heb ik alle hoop tot vergoeding voor ’t verlies van de vriendschappelijke gezindheid van Mauve, HGT & anderen langzamerhand een geheel nieuw kringetje van kennissen te krijgen.
Maar ik zal daar geen demarches voor maken, niet de minste, maar het moet door ’t werk gebeuren. Dat wat mij overkomt met H.G.T. is volstrekt niets ongewoons, iedereen heeft van die dingen in ’t leven. Men kan niet precies zeggen waar ’t schort. Alleen bij H.G.T. is ’t al een verouderd kwaad, ik weet nu zoo goed als zeker dat hij reeds veel vroeger omtrent mij dingen gezegd heeft die er niet weinig toe hebben bijgedragen om mij in een slecht blaadje te stellen. Ik hoef echter mij daaraan verder niet te storen – dat wat me vroeger kwaad kon kan het nu niet meer. Als ge op ’t atelier komt zult ge zelf zien ’t werkelijk absurd is als hij zegt: o van jouw teekenen komt toch niets. Zoo’n gezegde kan men echter moeielijk tegenspreken want zoodra men dat doet wordt het als pedanterie aangemerkt en haalt men er de allergrootste mannen bij & zegt: hij verbeelt zich dat hij dit of dat is.–
 3r:7
Maar nog eens, ieder die met liefde werkt en met intelligentie heeft juist in de opregtheid van zijn liefde voor de natuur & de kunst een soort pantser tegen de opinie van de menschen.
De natuur is ook streng en om zoo te zeggen hard doch bedriegt nooit en helpt altijd vooruit.
Ik reken ’t dus geen ongeluk als ik bij HGT of wie ook in disgratie raak, hoezeer het mij ook spijte. Niet dat kan direkt de oorzaak zijn van ongeluk – als ik geen liefde had voor de natuur en mijn werk – dan zou ik ongelukkig zijn. Maar hoe minder ik opschiet met de menschen hoe meer ik de natuur leer vertrouwen & mij in haar concentreeren. Al die dingen maken me hoe langer hoe frisscher van binnen – ge zult ook wel zien dat ik niet bang ben voor een frisch groentje of een zacht blaauw en de duizende verschillende grijzen want er is haast geen kleur die niet een grijs is: roodgrijs, geelgrijs, groengrijs, blaauwgrijs. Daar komt de heele kleurmenging op neer.15
Toen ik terugkwam aan die Scharrendroogerij was in die manden vol zand op den voorgrond die dienen om ’t stuiven van ’t duinzand te verhinderen, een welig en onbeschrijfelijk frisch, wild knollengroen of oliezaad opgeschoten. Twee maanden geleden was het alles bar op ’t beetje gras in ’t tuintje na en nu gaf dat ruwe, woeste, welig opgeschoten groen een alleraardigst effekt als contrast met de schraalheid van de rest.
Ik hoop dat gij die teekening naar Uw zin zult vinden – het verschiet – ’t kijkje boven over de daken van ’t dorp heen met het kerktorentje en de duintjes was ook zoo fijn. Ik heb het met een pleizier gemaakt dat ik U niet zeggen kan.
Dus kom maar spoedig – ik geloof dat gij met de verandering van atelier vrede zult hebben geheel & al als ge ziet hoe ’t mij oneindig beter gelegenheid geeft voor ’t werk – meer ruimte – beter licht – grooter afstand.–

 3v:8 [sketch C]
 4r:9
Gisteren avond kreeg ik een pak van t’huis, er was onder anderen een soort demi saison16 in die zeer doelmatig is. Ik vond het erg aardig van hen. En er was tabak in en sigaren, een koek en nog ondergoed. Enfin een heel pak. Vind gij dat niet aardig. Het is nog meer dat ik er blij mede ben omdat ik er hun hartelijke stemming uit zie dan om iets anders.
Van Rappard heb ik ook weer een brief. Ik heb er zoo’n almagtig pleizier in dat die kerel zich zoo verdiept in zijn Engelsche houtsneden. Ik heb hem er wel toe geanimeerd in ’t begin maar nu is het animeeren niet meer noodig, hij is haast even enthousiast als ik, nu.
 4v:10
Als gij komt zal ik U eens een paar bladen laten zien die als ge ze eens onder de oogen gehad zult hebben U ook niet ligt uit ’t geheugen meer zullen gaan.– Er zijn daarbij nog weer heel andere dingen dan de kunstrigting van Boughton b.v. ofschoon die ook zeker een van de leaders is.–
Ik bedoel dingen merkwaardig om hun realiteit en hun stijl te gelijk, geteekend als Albert Durer en evenwel met veel locale kleur en clair obscur. Die bladen ziet men tegenwoordig zoo druk niet meer want men moet ze zoeken in de tijdschriften van 10 of 15 jaar terug. Zoo b.v. tijdens den oorlog van 70-71.17

top